a-step
Stappenmotor zonder stappenverlies
Stappenmotoren van de eerste
generatie waren goedkoop en eenvoudig om mee te werken. De toepassingen zijn
voornamelijk te vinden in bureau-automatisering en in medische apparatuur. Door
de toepassing van hogere vermogens, via bipolaire drivers met chopperspanningen
tot zowat140 Volt –zoals de UPK-serie van Oriental Motor- worden de
stappenmotor-aandrijvingen nu ook toegepast in de productie-automatisering.
Niettemin stoot de stappenmotor vanwege de mogelijkheid van stappenverlies vaak
op weerstand in dit marktsegment. Het doel van de ontwikkeling van de a-step
serie is om de voordelen van de stappenmotor-techniek te combineren met de
bedrijfszekerheid van bvb AC-servomotoren.
Version française
De rotor en stator van de a-step motor hebben in principe dezelfde bouwvorm als de conventionele hybride
stappenmotoren, waarbij zowel de binnenzijde van de stator als de buitenzijde
van de rotor vertand zijn. Aan de achterzijde van de motor bevindt zich een
resolver, die ook door Oriental Motor wordt geproduceerd. Op het eerste gezicht
lijkt de structuur van deze resolver op de vertanding van de stator en rotor.
Het verschil zit hem in de details, zoals de diameter en het aantal tanden. Het
principe van de stappenbewaking laat zich het best omschrijven als volgt. De
rotor van de resolver beweegt synchroon met de motor-as. Het uitgangssignaal van
de resolver is sinusvormig. Het verloop van de sinus is afhankelijk van de
positie van de rotortanden ten opzichte van de statortanden in de resolver. De
inductiviteit verandert in functie van de positie van de rotor in de resolver
t.o.v. de stator. Wanneer de rotor- en de statortand het dichtst bij elkaar
staan is deze inductiviteit maximaal; op het punt waar deze afstand het grootst
is, is de inductiviteit het kleinst. Omdat de resolver, net als de stappenmotor,
2 fasen heeft, verkrijgt men een curve die twee sinussen vertoont. Hierdoor
ontstaat en faseverschuiving van 90 graden tussen fase A en fase B. Met behulp
van dit uitgangssignaal kan de exacte positie van de rotor gevolgd en bewaakt
worden.
De comparator: eigenlijk een
schakelaar
De resolver van de nieuwe a-step serie dient om de bewegingen van de
stappenmotor te bewaken. De manier waarop dit gebeurt wijkt af van het Closed
Loop systeem, zoals dat bij AC-servomotoren wordt ingezet. Afbeelding 1
illustreert de werkwijze die in de a-step wordt toegepast. Een Input Pulse
Counter wordt aangestuurd vanuit een micro-controller, net zoals bij een
conventionele stappenmotor. Deze informatie wordt zo verwerkt dat de gechopte
driver de stappenmotor aanstuurt. Op dit punt werkt het systeem in open loop
mode. Terwijl de motor draait detecteert de resolver de positie van de rotor en
zendt deze informatie door naar de Rotor-positie-teller, die het op zijn beurt
doorstuurt naar de Comparator. De Comparator vergelijkt de actuele elektrische
positie van het statorveld met de Rotor-positie-teller. Het verschil wordt
permanent bewaakt. Om de werking van het controlemechanisme nader te verklaren
is enige uitleg nodig m.b.t. de natuurkundige eigenschappen van de stappenmotor.
In onbelaste toestand staan de rotor- en de statortanden tegenover elkaar. Het
draaimoment is gelijk aan nul. Wanneer de motor belast wordt ontstaat er en
verschuiving tussen de rotor- en de statortanden in de richting van het
draaimoment dat uitgeoefend wordt. Door deze verdraaiing gaat de motor een
draaimoment ontwikkelen dat groot genoeg is om de hoekverdraaiing te
compenseren. Is de verschuiving groter dan ± 1,8°, dan zoekt de rotor het
grotere evenwicht in de volgende stator-pool. Deze toestand kennen we als
stappenverlies. In principe gaat het erom dat het maximum draaimoment wordt
overschreden. Bij a-step stappenmotoren ligt het maximum draaimoment exact op ±
1,8° (50 rotortanden). Een werkbereik tussen –1,8° en +1,8° kan als
bedrijfszeker beschouwd worden. Blijft de staphoek-verdraaiing bij de a-step
serie binnen het stabiele bereik van ± 1,8°, dan volgt de stappenmotor het
verloop van pulsen zoals door de controller aangegeven. Wordt de verdraaiing
groter dan ±1,8°, dan komt de comparator in werking en zorgt hij ervoor dat de
Sequence Controller het signaal van de Rotor-positie-teller moet volgen. Op die
manier wordt stappenverlies voorkomen doordat in de wikkeling van de stator -die
de rotor volgt- een evenredig draaimoment opgewekt wordt. Dat betekent dat er
geen stappenverlies meer ontstaat wanneer er een afwijking van ±1,8° t.o.v. de
ingangspositie optreedt. Zo’n afwijking t.o.v. de gewenste positie kan zich
voordoen wanneer het maximum toegelaten koppel overschreden wordt. Dan treedt
bij traditionele stappenmotoren stappenverlies op. De a-step daarentegen
voorkomt stappenverlies in het algemeen en legt de juiste ingangspositie vast,
zodat na het wegvallen van de overbelasting de motor terugkeert naar de
ingangspositie.
Separate Closed Loop
Het moet duidelijk zijn dat de Comparator niets te maken heeft met de eigenlijke
aansturing van de stappenmotor. De Comparator werkt in principe uitsluitend als
een schakelaar, terwijl de aansturing bij de a-step serie dezelfde is als bij
conventionele stappenmotoren. Wat overblijft zijn de voordelen: kortere
positioneertijden en het wegvallen van de tuning zoals bij servo-aandrijvingen.
Oriental Motor noemt deze nieuwe controlemethode Separate Closed Loop.
Microstep-functie
Met de a-step is het nu ook mogelijk de resolutie te variëren. Volgende
resoluties zijn beschikbaar: 0,72°/stap, 0,36°/stap, 0,072°/stap, 0,036°/stap
Voordelen t.o.v. AC
servo-andrijvingen
Zoals eerder gezegd beschikt de gebruiker voortaan over een aandrijving die
stappenverlies elimineert en toch alle voordelen van stappenmotor-aandrijving in
zich verenigt. AC Servo-aandrijvingen vergen een parameterinstelling in functie
van de gekozen toepassing; bij de a-step serie valt die weg. Hieruit resulteert
de mogelijkheid om sneller te positioneren bij korte bewegingen. Daarbij komt
dat bij deze motor/driver combinatie geen hunting (het "oscilleren"
van de motor rond de ingangspositie) optreedt. Vermits er bij de a-step geen
hunting optreedt, is hij bijzonder geschikt voor lineaire systemen met
aandrijving door getande riemen. De mechanische stijfheid van zo’n systeem is
gering, waardoor belastingsrek optreedt. Wanneer bij conventionele
stappenmotoren het nominale koppel ook maar korte tijd overschreden wordt,
wanneer de beweging stopt of enkele stappen "vergeten" worden, zal de
klassieke aandrijving dit niet herkennen en is het mogelijk dat de
ingangspositie niet bereikt wordt en dat de machine of de last beschadigd
worden. Om dit risico te vermijden bestonden er tot nu toe slechts twee
mogelijkheden: een AC-servomotor gebruiken -wat duur en ingewikkeld is- of
kiezen voor een andere stappenmotor waarvan het vermogen met een
veiligheidsfactor 2 verhoogd was, en waarbij eigenlijk slechts de helft van het
beschikbare draaimoment gebruikt werd. Dit dilemma wordt vandaag opgelost door
de a-step serie van Oriental Motor.
Kosten en uitvoeringen
De prijs van de a-step serie verschilt nauwelijks van de prijs van
stappenmotor-aandrijvingen voor hoge belasting zonder resolver. Dit is mogelijk
geworden door het gebruik van bestaande stappenmotor-onderdelen. Omwille van de
resolver is de lengte iets groter geworden. Om die verlenging binnen
aanvaardbare perken te houden is bij de 60x60mm flensmaat een gedeelte van de
rotor hol gemaakt. In de ruimte die zo ontstaan is, is de kogellager ingebouwd.
Op die manier is deze motorcombinatie uiteindelijk slechts 4 mm langer geworden.
Bij de 42 x 42 mm flensmaat was het niet mogelijk de rotor uit te hollen omdat
hij zo klein is, en bij de 85x85mm flensmaat is de resolver zo klein dat een
uitholling geen zin bleek te hebben.
www.rotero.com
a-step
Moteur pas à pas sans perte de pas
Les moteurs pas à pas de
la première génération étaient bon marché et simples à manipuler. Leurs
applications se situent encore aujourd’hui dans le domaine de
l’automatisation de bureau et des appareils médicaux. Par l’application de
puissances plus élevées par le biais des commandes bipolaires à tension de
chopper de l’ordre de 140 Volt –comme la série UPK d’Oriental Motor- les
transmissions pas à pas s’utilisent actuellement dans le domaine de
l’automatisation de production. Mais le moteur pas à pas se heurte encore
souvent à une résistance dans ce domaine, à cause du risque de perte de pas.
La série a-step a été développée dans le but de combiner les avantages du
moteur pas à pas avec la fiabilité des servomoteurs CA, par exemple.
En principe, le rotor et le
stator du moteur a-step ont la même construction que les moteurs pas à pas
hybrides conventionnels à denture intérieure du stator et extérieure du
rotor. À l’arrière du moteur se trouve un resolver, également fabriqué par
Oriental Motor. À première vue, la structure de ce resolver ressemble à la
denture du stator et du rotor. La différence se situe au niveau des détails,
comme le diamètre et le nombre de dents. Le principe de la surveillance de pas
peut se définir à peu près comme suit. Le rotor du resolver est
synchronisé avec l’arbre du moteur. Le signal de sortie du resolver est
sinusoïdal. L’évolution du sinus est fonction de la position des dents du
rotor vis-à-vis des dents du stator dans le resolver. L’inductivité varie en
fonction de la position du rotor du resolver vis-à-vis du stator. Là où la
distance entre les dents du rotor et celles du stator est minimale,
l’inductance sera maximale; par contre, à l’endroit ou la distance est la
plus grande, l’inductance sera la plus petite. Puisque le resolver et le
moteur pas à pas ont deux phases, l’on obtient une courbe à deux sinus. De
cette façon, il y a un déphasage de l’ordre de 90 degrés entre la phase A
et la phase B. La combinaison de ces signaux de sortie permet de suivre et de
surveiller la position exacte du rotor.
Le comparateur: simplement un
commutateur
Le resolver de la nouvelle série a-step sert à surveiller les mouvements du
moteur pas à pas, mais non par la méthode de boucle fermée (Closed Loop),
comme chez les servomoteurs CA. La figure illustre la méthode adoptée pat le
système a-step. Un compteur d’impulsions d’entrée est commandé à partir
d’un micro-contrôleur, exactement comme chez un moteur pas à pas
conventionnel. Cette information est traitée de telle façon que la commande à
chopper entraîne le moteur pas à pas. À ce moment, le système fonctionne en
boucle ouverte (Open Loop). Lorsque le moteur tourne, le resolver détecte
la position du rotor et transmet cette information au Compteur d’impulsions du
rotor, qui la transmet à son tour au Comparateur. Le Comparateur compare la
position électrique actuelle du champ du stator avec le Compteur de Position du
rotor. La différence est surveillée en permanence. Pour mieux comprendre le
fonctionnement du mécanisme de contrôle, un peu d’explication s’impose
concernant les caractéristiques physiques du moteur pas à pas. Lorsque le
moteur tourne à vide, les dents du rotor et du stator se trouvent face à face.
Le couple est égal à zéro. Lorsque le moteur est sous charge, il y a un décalage
entre les dents du rotor et celles du stator dans le sens du couple exercé. Ce
décalage fait en sorte que le moteur développe un couple suffisamment grand
pour compenser ce décalage. Si le décalage est supérieur à ± 1,8°, le
rotor cherchera un meilleur équilibre dans le pôle de stator suivant. Ce phénomène
est connu sous le nom de perte de pas. Au fait, le couple maximum du moteur a été
dépassé. Chez les moteurs pas à pas a-step, le couple maximum se situe
exactement à ± 1,8° (50 dents de rotor). Un champ de travail entre –1,8°
et +1,8° peut être considéré comme fiable. Lorsque, chez la série a-step,
le décalage d’angle se situe dans le champ stable de ± 1,8°, le moteur pas
à pas suivra la suite d’impulsions transmises par le contrôleur. Si le décalage
dépasse ±1,8°, le Comparateur entrera en action et obligera le Sequence
Controller à suivre le signal du Compteur de position du rotor. De cette façon,
la perte de pas est évitée du fait qu’un couple proportionnel se produit
dans le bobinage du stator, qui suit le rotor. Ceci signifie qu’il n’y a
plus de perte de pas lorsqu’il se produit un décalage de l’ordre de ±1,8°
vis à vis de la position d’entrée. Un tel décalage vis à vis de la
position d’entrée peut se produire lorsque le couple maximum est dépassé.
Chez les moteurs pas à pas traditionnels, il se produit alors une perte de pas.
L’a-step, par contre, prévient cette perte de pas et enregistre la position
d’entrée exacte, comme quoi le moteur retournera à sa position d’entrée dès
que la surcharge du moteur est éliminée.
Separate Closed Loop
Soyons clairs : le Comparateur n’a rien à voir avec la commande du moteur pas
à pas proprement dite. En principe, le Comparateur fonctionne uniquement comme
un commutateur, et le système de commande de la série a-step est identique à
celui des moteurs pas à pas conventionnels. Ce qui fait la différence, ce sont
les avantages : des temps de positionnement plus courts et l’absence de tuning
obligatoire des servomoteurs. Oriental Motor a baptisé cette nouvelle méthode
de contrôle Separate Closed Loop.
La fonction Microstep
Avec l’a-step il est dorénavant
possible de varier la résolution. Les résolutions suivantes sont disponibles :
0,72°/pas 0,36°/pas 0,072°/pas 0,036°/pas
Avantages vis à vis des
entraînements servo
Comme nous l’avons dit antérieurement,
l’usager dispose dorénavant d’un entraînement qui élimine la perte de pas
en réunit en soi tous les avantages du moteur pas à pas. Les entraînements
servo CA exigent un réglage des paramètres en fonction de l’application ; ce
qui n’est pas le cas chez la série a-step. Résultat : la possibilité
de positionner plus rapidement pour les mouvements courts. De plus, cette
combinaison moteur/commande ne connaît pas de hunting («oscillation"
du moteur autour de la position d’entrée). Puisque le phénomène hunting
est inexistant chez la série a-step, celle-ci est particulièrement indiquée
pour les systèmes linéaires à entraînement pas courroie dentée. La rigidité
mécanique de ce type de système est réduite ce qui explique sa grande élasticité
sous charge. Lorsque, chez les moteurs pas à pas conventionnels, le couple
maximum est dépassé même pendant un laps de temps très bref, lorsque le
mouvement stoppe ou lorsque quelques pas sont "oubliés", l’entraînement
classique ne le reconnaîtra pas. Dès lors, il est à craindre que la position
d’entrée ne soit pas atteinte et que la machine ou la charge soient endommagées.
Auparavant, pour éliminer ce risque, i l n’y avait que deux solutions :
utiliser un servomoteur CA –ce qui était cher et compliqué- ou opter pour un
moteur pas à pas dont la capacité était majorée d’un facteur 2, et dont on
n’utilisait au fait que la moitié du couple en présence. Aujourd’hui, ce
dilemme est résolu par la série a-step d’Oriental Motor.
Coût et versions
Le coût de la série a-step diffère
à peine de celui d’un entraînement par moteur pas à pas à grande puissance
sans resolver. Ceci grâce à l’utilisation de composants de moteur pas à pas
existants. Les moteurs ont été quelque peu rallongés à cause du resolver.
Afin de garder ce rallongement dans des limites acceptables, le rotor du type
60x60mm a été partiellement évidé et il abrite maintenant le roulement à
billes. La longueur hors tout de cette combinaison moteur/resolver n’a augmenté
que de 4 mm. Pour le type 42x42mm il n’était pas possible d’évider le
rotor, tellement petit. Pour le type 80x80mm d’autre part, la taille même du
resolver ne justifiait pas l’évidement du rotor.
www.rotero.com