|
Beveiliging
verpakkingen onontkoombaar
version française
Diefstal, tampering of het openen van verpakkingen met snode bedoelingen,
veiligheid van verpakt voedsel, nepproducten in vervalste verpakkingen en de
wens verpakkingen op hun weg naar de uiteindelijke bestemming te kunnen volgen:
deze ontwikkelingen zullen ertoe leiden dat producten en verpakkingen in de
toekomst vrijwel altijd een soort code zullen meekrijgen. Dat kan in de vorm van
streepjescodes, chips, tags en andere slimme middelen. Ze vormen een onderdeel
van het concept Intelligent Tracking & Tracing (ITT).
Af en toe worden we opgeschrikt door berichten dat een bedrijf wordt gechanteerd
door iemand die beweert dat met een product van dat bedrijf geknoeid is. De
verpakking is dan op één of andere manier opengemaakt en het erin verpakte
product van iets schadelijks voorzien. De fabrikant is dan gedwongen het product
uit de schappen te halen. Natuurlijk met een grote schadepost als gevolg. Vaker
merken we niets van zulke acties. De afperser heeft een bedrijf gemeld dat hij
of zij zal gaan knoeien als er geen geld op tafel komt. In de meeste gevallen
wordt deze afperser wel opgespoord. Maar altijd is er veel schade voor de
fabrikant.
De eerste keer dat dit probleem opdook was begin van de jaren tachtig van de
vorige eeuw. Enkele verpakkingen van de pijnstiller Tylenol waren in de VS
vergiftigd. Aan de verpakkingen was niet te zien of ermee was geknoeid. De
Amerikaanse overheid was snel met een wetgeving die ervoor zorgde dat
farmaceutische producten van een anti-knoeivoorziening- ofwel in vaktermen:
‘tamper-evident’-middel - werden uitgerust. Veel middelen zijn bedacht om een
verpakking tamper-evident te maken. Tegenwoordig hebben ook veel verpakkingen
van voedingsmiddelen zo’n middel. Er worden bijvoorbeeld krimpsleeves toegepast
over sluitingen van potten en flessen, evenals etiketten. Een verpakking kan
alleen worden geopend door de sleeve of het etiket te doorbreken. De consument
ziet dat, waardoor het duidelijk is dat de verpakking niet meer in de originele
staat verkeert.
Falsificaties
Al ouder is het probleem van productvervalsing. Een fles met dure whisky
wordt uit een fles gehaald en wordt gevuld met een inferieur product. Maar het
product wordt wel voor de prijs van die dure whisky verkocht. Slechte kwaliteit
sigaretten worden in een pakje van een bekend merk verpakt en als merkartikel
verkocht. Dat dit soort praktijken de oorspronkelijk fabrikant schade berokkent
is duidelijk. Procter & Gamble schatte nog niet zo lang geleden dat 15% van de
producten die als van P&G in China verkocht worden vals is. Met als gevolg een
schade van 150 miljoen dollar per jaar. Philip-Morris schatte enkele jaren
geleden dat 50% van haar producten verkocht buiten de VS vals is. En dan zijn er
natuurlijk de valse merkshirts, horloges, parfums, sierraden e.d. Geavanceerde
middelen, zoals hologrammen, en slimme verpakkingen moeten helpen dit probleem
te voorkomen.
Een ander groot probleem is de diefstal uit winkels. De schattingen van de
schade door diefstal uit supermarkten in Nederland lopen in de honderden
miljoenen euro’s per jaar. Geen wonder dat de detailhandel om maatregelen roept.
Verpakte producten moeten worden voorzien van middelen om diefstal tegen te
gaan. Magnetische stripjes, chips, tags e.d. moeten uitkomst bieden. Natuurlijk
moet de detailhandel ook investeren in detectiemiddelen. Dat kost allemaal veel
geld. De consument zal uiteindelijk deze kosten moeten betalen.
Recenter is de wens producten in het distributiekanaal te kunnen bewaken en te
volgen. Voedsel moet veilig verpakt zijn en veilig blijven. Hoe garandeert een
fabrikant dat een diepgevroren of een gekoeld product niet ergens in de keten
schade ondervindt door een te hoge temperatuur? Speciale strips en etiketten die
aangeven waar en wanneer een eventueel te hoge temperatuur is opgetreden kunnen
uitkomst bieden. Ook diefstal of ‘zoek raken’ van verpakkingen of hele
palletladingen tijdens de distributie kan worden voorkomen door producten van
coderingen, tags en chips te voorzien.
Al deze maatregelen kosten geld. Het zal niet lang duren of alle verpakte
producten zullen middelen moeten bevatten die diefstal moeten voorkomen,
tampering moeten tegengaan en authenticiteit en veiligheid moeten waarborgen.
Geen wonder dat fabrikanten zoeken naar middelen die én goedkoop én effectief
zijn. Op de komende Macropak zullen veel middelen te zien zijn die aan de eisen
van ITT tegemoetkomen.
ITT-middelen te over
Welke ITT-middelen zijn er nu? In de eerst plaats hebben we coderingen,
zoals streepjescodes en tweedimensionale codes, die op verpakkingen en
palletladingen kunnen worden aangebracht. Deze codes zijn vooral geschikt om
verpakkingen en ladingen door het distributiekanaal te volgen. Bovendien dragen
deze codes nog meer informatie met zich, zoals gegevens over het product,
productieruns, fabrikant e.d. Maar voor beveiliging van verpakkingen zijn ze
minder geschikt.
Echt geschikt om producten en verpakkingen te beschermen zijn zichtbare en
vooral onzichtbare elektronische middelen en speciale bewerkingen van
verpakkingen. Veel opgang maken producten die Electronic Article Surveillance
(EAS) mogelijk maken. Chips en tags die reageren op radiogolven of radio
frequency (RF) kunnen worden gedetecteerd zonder dat ze worden aangeraakt met
behulp van radio frequency identification (RFID). Dat gebeurt al veel in
boekwinkels en kledingzaken. Ook het deactiveren gebeurt met radiogolven.
Chips kunnen tegenwoordig zeer klein en dun zijn. Ze kunnen achter een etiket of
op en zelf in een verpakking worden aangebracht. Er zijn zelfs chips die zo
klein zijn dat ze onzichtbaar in papier of karton kunnen worden ingebed. Ideaal
dus om in verpakkingen aan te brengen om diefstal te voorkomen. Er zijn ook
grotere chips. Die kunnen ook in tags (strips of plaatjes) worden aangebracht.
Ze kunnen zelfs antennes hebben en zijn soms ook opnieuw te programmeren zodat
ze meer dan eenmaal zijn te gebruiken. Deze chips en tags vinden steeds meer
toepassing voor tracking & tracing in het logistieke traject.
Nul-veld
Er zijn nu echter zeer kleine tags zonder chips die zeer goedkoop zijn en
daardoor geschikt om massaal in verpakkingen te worden gebruikt. In de eerst
plaats zijn daar de magnetische strips die in boeken worden toegepast, maar ook
geschikt zijn voor veel verpakkingen. Er zijn nu nog kleinere en goedkopere
strips die gebruik maken van een zgn. ‘nul’-veld in een magnetisch veld.
Hologrammen worden al veel toegepast op creditcards, maar worden ook al gebruikt
op verpakkingen van duurdere producten. Hologrammen zijn namelijk niet goedkoop
en moeilijk te maken. Dat is dan ook de reden dat ze worden gebruikt. Vervalsers
slagen er niet goed in hologrammen na te maken. Hologrammen zijn zichtbare
middelen op verpakkingen en andere producten. Maar ze zijn al vaak niet meer
voldoende. Andere middelen worden dan in combinatie gebruikt. De nieuwe
eurobiljetten zijn daar een voorbeeld van. Zo zijn er inkten ontwikkeld die
onzichtbaar op een verpakking kunnen worden gedrukt of die van kleur veranderen
bij UV- of infrarood licht. Ook kunnen speciale inkten reageren op
temperatuurveranderingen.
Zonder twijfel gaan de ontwikkelingen nog verder en zullen er nog meer
geavanceerde middelen worden geïntroduceerd. De kosten van die middelen zullen
ook sterk omlaag gaan bij meer algemene toepassing. De mogelijkheid om
verpakkingen tegen alle gevaren te beveiligen en ze overal te kunnen volgen zijn
binnenkort vrijwel onbeperkt.
La protection
des emballages est inéluctable
Le vol, la falsification ou l’ouverture d’emballages à des fins odieuses, la
sécurité de la nourriture emballée, les contrefaçons proposées dans des
emballages falsifiés et le souhait d’assurer le suivi des emballages jusqu’à
leur destination finale, sont autant d’éléments qui expliquent pourquoi, à
l’avenir, les produits et les emballages recevront quasi toujours un code, qu’il
s’agisse d’un code-barres, d’une puce, d’un transpondeur ou d’un autre système
intelligent. Ces codes constituent une des facettes de l’Intelligent Tracking &
Tracing (ITT).
Il nous arrive parfois d’entendre aux nouvelles qu’une personne a fait chanter
une société en prétendant avoir trafiqué un de ses produits. L’emballage a été
ouvert d’une façon ou d’une autre et le produit emballé a reçu une substance
nocive. Le fabricant se voit alors dans l’obligation de retirer le produit des
rayons, ce qui représente naturellement une grande perte financière. La plupart
du temps, ces actes passent toutefois inaperçus. Le maître chanteur prévient la
société en question qu’il trafiquera ses produits s’il ne reçoit pas une
certaine somme d’argent. En général, les maîtres chanteurs sont souvent
retrouvés mais les fabricants subissent toujours de lourds préjudices.Ce type de
problème s’est présenté pour la première fois au milieu des années
quatre-vingts. Certains emballages de l’antidouleur Tylenol avaient été
empoisonnés aux Etats-Unis. Il était impossible de détecter quels emballages
avaient été ouverts. Les autorités américaines ont rapidement établi une
législation veillant à ce que les produits pharmaceutiques soient dotés d’un
moyen évitant tout traficotage, c’est-à-dire d’une bague d’inviolabilité. De
nombreux moyens ont été envisagés pour rendre l’emballage inviolable.
Aujourd’hui, les emballages de bon nombre de produits alimentaires disposent
aussi d’un tel moyen. Des manchons rétractables ainsi que des étiquettes ont par
exemple été appliqués sur les fermetures des pots et bouteilles. L’emballage ne
peut être ouvert qu’en brisant le manchon ou l’étiquette. Dans ce cas, le
consommateur le remarque inévitablement et sait que l’emballage qu’il possède
n’est pas dans son état original.
Falsifications
Le problème de la falsification du produit est plus ancien. Les exemples
sont légion. Une bouteille d’un bon whisky coûteux est par exemple vidée et
remplie d’un produit inférieur. Néanmoins, le produit est vendu au prix du
whisky supérieur. Des cigarettes de mauvaise qualité sont emballées dans un
emballage de marque connue et vendues comme article de marque. Il est clair que
de telles pratiques nuisent au fabricant. Procter & Gamble estimait, il n’y a
pas si longtemps, que 15% des produits vendus en Chine sous le nom de P&G
étaient faux. Avec pour conséquence une perte de 150 millions de dollars par an.
Philip Morris estimait, de son côté, que 50% de ses produits vendus en dehors
des Etats-Unis étaient faux. Sans compter les faux T-shirts de marque, les
fausses montres, les faux parfums, bijoux… Des moyens sophistiqués comme les
hologrammes et les emballages intelligents doivent aider à pallier ce problème.
Le vol dans les magasins constitue un autre problème de taille. Les pertes
accusées par les supermarchés néerlandais suite aux vols s’élèveraient à
plusieurs centaines de millions d’euros par an. Il ne faut pas s’étonner dès
lors que le commerce du détail réclame la prise de mesures. Les produits
emballés doivent être dotés de moyens permettant de contrer le vol. Les bandes
magnétiques, les puces, les transpondeurs… doivent apporter une solution. Le
commerce de détail doit naturellement aussi investir dans des moyens de
détection. Tout cela coûte évidemment cher. Et les frais incomberont en fin de
compte au consommateur.
Le désir de surveiller et de suivre les produits tout au long du parcours de
distribution est plus récent. L’emballage des produits alimentaires doit être et
rester sûr. Comment un fabricant peut-il garantir qu’un produit surgelé ou
réfrigéré ne subisse aucune altération suite à une température trop élevée
quelque part dans la chaîne? Des bandes et étiquettes spéciales indiquant
l’endroit et l’instant auxquels la température était éventuellement trop élevée
peuvent remédier à ce problème. Le vol ou la ‘perte’ d’emballages ou de palettes
complètes durant la distribution peut également être évité en dotant les
produits de codages, de transpondeurs et de puces.
Toutes ces mesures ont un prix. Bientôt, tous les emballages devront contenir
des moyens contre le vol et la falsification qui garantissent l’authenticité et
la sécurité. Raison pour laquelle les fabricants recherchent des solutions bon
marché et efficaces. Le prochain salon Macropak présentera certainement de
nombreux moyens rencontrant les exigences de l’ITT.
Une pléthore de moyens ITT
Quels sont les moyens d’ITT actuellement disponibles? Nous avons tout
d’abord les codages, tels que les codes-barres et les codes bidimensionnels qui
sont appliqués sur les emballages et les chargements de palettes. Ces codes
conviennent surtout au suivi des emballages et chargements tout au long du
parcours de distribution. Ils comportent aussi d’autres informations comme les
données sur le produit, les périodes de production, le fabricant… Cependant, ils
conviennent moins à la protection des emballages.Si l’on veut vraiment protéger
les produits et emballages, il faut recourir aux moyens électroniques visibles
et surtout invisibles et aux traitements spéciaux des emballages. Les produits
permettant un Electronic Article Surveillance (EAS) connaissent une belle
avancée. Les puces et transpondeurs qui réagissent aux ondes radio ou à la radio
fréquence (RF) peuvent être détectés grâce à l’identification par radio
fréquence (IRF), sans nécessité de contact avec l’article. Cette solution se
rencontre fréquemment dans les librairies et magasins de vêtements. La
désactivation passe aussi par les ondes radio.
Les puces sont aujourd’hui très petites et fines. Elles peuvent se placer à
l’arrière d’une étiquette ou dans l’emballage même. Il existe même des puces
d’une taille si petite qu’elles peuvent être embarquées de façon invisible dans
le papier ou le carton. Une solution idéale à placer dans les emballages pour
éviter le vol. Certaines puces de plus grande taille peuvent également être
placées dans des transpondeurs (bandes ou plaques). Elles peuvent même disposer
d’antennes et être reprogrammées afin d’être utilisées plusieurs fois. Ces puces
et transpondeurs sont de plus en plus utilisés pour la traçabilité tout au long
du parcours logistique.
Champ nul
Il existe aujourd’hui de très petits transpondeurs sans puce vraiment bon
marché qui conviennent pour une utilisation en masse dans les emballages. Il y a
tout d’abord les bandes magnétiques utilisées dans les livres mais qui
conviennent aussi pour bon nombre d’emballages. Il existe également des bandes
plus petites et encore moins coûteuses qui utilisent un champ ‘nul’ dans un
champ magnétique. Les hologrammes connaissent déjà de nombreuses applications
sur les cartes de crédit mais aujourd’hui, on les retrouve aussi sur les
emballages de produits plus coûteux. Les hologrammes sont en effet relativement
chers et, de surcroît, difficiles à réaliser. Voilà d’ailleurs la raison de leur
utilisation. Les falsificateurs n’arrivent pas à bien copier les hologrammes.
Les hologrammes sont des moyens visibles appliqués sur les emballages et sur
d’autres produits. Mais souvent, ils ne suffisent plus. Ils sont utilisés en
combinaison avec d’autres moyens. Les nouveaux billets d’euros en sont un bel
exemple. Certaines encres peuvent être imprimées de façon invisible sur un
emballage et changer de couleur sous une lumière UV ou infrarouge. D’autres
encres réagissent aux changements de température.
Nul doute que les développements ne s’arrêteront pas là et que d’autres moyens
encore plus sophistiqués verront le jour. Une utilisation plus générale de ces
moyens permettra d’en réduire fortement le coût. La possibilité de protéger les
emballages contre tous les dangers et de les suivre partout sera bientôt quasi
illimitée.
|