|
Energiemanagement
Een integraal onderdeel van het operationele management
version française
Energiebesparing en energie-efficiëntieverbetering zijn onderwerpen die
momenteel veel aandacht krijgen. Daarnaast dwingen de veranderingen in de
energiemarkt tot een actieve rol bij de inkoop van energie waarbij meer
inzicht in het eigen gebruik onontbeerlijk is. Energiemanagement maakt het
mogelijk om volgens een systeem de energiekosten, die voor de
bedrijfsvoering nodig zijn, te beheersen.
Om structureel energie(-kosten) te besparen, zal energiemanagement
toegevoegd moeten worden aan het operationele management van een
onderneming. In het verleden werden veelal met enige tussenpozen
energiebesparingstudies en –projecten uitgevoerd. Er werden hierbij
meestal stapsgewijs verbeteringen aangebracht, maar de vraag of een
besparingsmaatregel de verwachte verbetering opleverde werd vaak niet
beantwoord. Een energiebalans wordt in het kader van een
energiebesparingstudie éénmalig opgesteld, maar is vaak na een jaar al
weer achterhaald. Verdere energiebesparing zal daarom het beste bereikt
worden door structureel de energiestromen te meten en te registreren
(monitoren) en daarop het proces te sturen.
Definitie
Er bestaan wel enkele verschillen in bepaalde definities over
energiemanagement, maar het komt er altijd op neer dat energiestromen en
–kosten beheersbaar worden gemaakt door meten, registreren en bijsturen.
Energiemanagement wordt daarmee een integraal onderdeel van het
operationele management van een onderneming, net als kostenbeheersing,
onderhoud, kwaliteit, veiligheid, kennis, milieu, enz.
De begrippen energiezorg en energiebeheer worden ook gehanteerd en
vertonen veel overeenkomsten met energiemanagement. Een
energiemanagementsysteem staat voor het systeem dat specifiek voor een
bedrijf is ontwikkeld en waarin de methodiek voor energiemanagement is
geformaliseerd en vastgelegd. Het omvat het vergaren van informatie door
het verrichten van metingen, het registreren, het weergeven in speciaal
ontwikkelde grafieken en kengetallen tot en met een organisatorische
structuur.
Energiemonitoring betreft het inwinnen van data ten behoeve van
energiemanagement. Het gaat hier dus om een data-acquisitiesysteem. Een
energiemonitoringsysteem kan een onderdeel zijn van een proces- of een
managementinformatiesysteem of een afzonderlijk systeem specifiek gericht
op de energiebalans.
Voorwaarden
De belangrijkste voorwaarde voor het slagen van energiemanagement is dat
het (operationele) management zich verantwoordelijk voelt voor een
succesvolle uitvoering van energiemanagement. Het management moet dus
actief doelstellingen vastleggen en vervolgens registreren of de
doelstellingen worden gehaald en bijsturen als dat niet het geval is. Het
is dus geen project maar een onderdeel van het algemene management dat met
een vaste frequentie onder de aandacht dient te komen. Zonder de
betrokkenheid van het management en de organisatie zal energiemanagement
niet slagen.
Voor het initieel opzetten van een energiemanagementsysteem zal een
energiebalans moeten worden uitgewerkt, bijvoorbeeld met een energie(besparings)-onderzoek
of een energiepotentieelscan. Op basis van inzicht in de energiebalans van
een bedrijf of proces kan men besparingsdoelstellingen of targets
vaststellen. Veelal zijn de targets bepaald aan de hand van kengetallen
zoals bijvoorbeeld het specifieke verbruik van energiestromen. Zoals kWh
per ton product, ton stoom per ton product, energiekosten per ton product
of een (streef-)rendement. Er zijn ook niet procesgerelateerde kengetallen
zoals aardgasverbruik per graaddag of per vierkante meter gebouwoppervlak.
Verder kan gedacht worden aan specifieke verbruiken van de utilities zelf.
Indien blijkt dat bepaalde factoren een invloed hebben op het
energieverbruik kunnen deze ook meegenomen worden. Denk bijvoorbeeld aan
apparaatgebonden kengetallen zoals bijvoorbeeld vervuilingsgraad,
(gemeten) warmteoverdrachtscoëfficiënt, … Ook andere aan het proces
gerelateerde getallen die voor het energieverbruik van belang kunnen zijn
zoals specifiek grondstofverbruik, percentage uitval en afvalwaterstromen
kunnen worden gebruikt.
Uit een energiebalans kan worden bepaald welke kengetallen relevant zijn.
Vervolgens moeten voor deze kengetallen targets worden vastgelegd. De
targets die dan gesteld worden, kunnen bijvoorbeeld het bestaande verbruik
zijn. Andere targets kunnen worden vastgesteld aan de hand van literatuur
van het proces of uit haalbaarheidsberekeningen van verbeteringsprojecten.
Ook kan gekeken worden naar specifieke verbruiken van verschillende
batches of ploegen. Het komt soms voor dat een verschillende wijze van
bediening tot andere energieverbruiken leidt.
Energiemanagement doorloopt net als arbo-, milieu- en
kwaliteitszorgsystemen een cyclus van plannen, uitvoeren, controle en
bijsturen, en omvat meestal volgende vier punten:
1/ Meten en registreren
In deze stap worden de essentiële meetgegevens verzameld. In een initiële
energiebalans wordt op een moment het verbruik vastgelegd van alle
verschillende afnemers in een proces. De grootte van de energiestroom in
combinatie met te verwachten of te behalen energiebesparing bepaalt of het
zinvol is om een bepaalde stroom te meten. Bij het meten en registreren (monitoring)
gaat het om verschillende soorten gegevens:
a. gegevens van het proces
b. gegevens van de opwekking van utilities (stoom, heet water,, perslucht,
enz)
c. omgevingsgegevens
Een niet onbelangrijk onderdeel van een energiemonitoringsysteem is een
goede dataopslag waarmee over meerdere jaren gegevens beschikbaar zijn.
Hierbij moet gezocht worden naar een optimale meetfrequentie, de tijd
tussen twee metingen, zodat er geen informatie verloren gaat maar waarbij
het aantal meetgegevens ook niet overdreven wordt. Er wordt soms snel te
veel bewaard waardoor de gegevens onoverzichtelijk worden. Terwijl de
meting vaak continue plaatsvindt, kan gedacht worden aan vijf, tien of
vijftien minuten gemiddelden.
2/ Analyseren
De gegevens worden vaak in grote hoeveelheden ingelezen en in bestanden of
datasheets weggeschreven. Vervolgens moeten de gegevens geanalyseerd
worden om tot bruikbare informatie omgezet te worden. Een eerste stap is
om tot een beperking te komen. Zoals reeds aangegeven kan vaak met
gemiddelden gewerkt worden. Vervolgens zal de energiebalans worden
berekend. Daarna kunnen meestal eenvoudig de kengetallen worden bepaald.
Van deze kengetallen kunnen de trends in grafieken worden aangegeven
waardoor veranderingen in de tijd zichtbaar worden gemaakt. Het
vastgestelde doel kan worden aangegeven en de invloed van projecten en
maatregelen worden zichtbaar gemaakt. Op basis van de verkregen gegevens
kan in het geval van vervuiling van een warmtewisselaar bijvoorbeeld het
optimale onderhoudsinterval worden uitgerekend.
Uiteraard geldt voor het bovenstaande dat de energiestromen ook in
kostenstromen kunnen worden vertaald. Daarnaast kan worden geëvalueerd of
de piekafname niet kan worden verlaagd en of de contractvorm voor
energieafname wel optimaal is.
3/ Rapportage
De resultaten van de analysestap zullen zo beknopt mogelijk moeten worden
opgenomen in een rapport (vaak in grafieken) aan het (operationele)
management. Per bedrijf zal vastgesteld moeten worden wat de optimale
frequentie is van deze rapportering.
4/ Bijsturen
Het operationele management kan aan de hand van de rapporten vaststellen
wat de positie is ten opzichte van de doelstellingen. Hierop dienst te
worden bijgestuurd maar ook de haalbaarheid van een doelstelling kan
worden nagegaan. Bijsturen betekent vaak overleg en terugkoppeling naar
bedienend personeel, een energiecoördinator of alle medewerkers. Het is
dus van groot belang dat alle medewerkers goed geïnformeerd worden over de
implementatie en resultaten van het energiemanagement. Cruciaal is dat
bedieningspersoneel zeer gemotiveerd is (wordt) om open en actief mee te
werken. Wanneer niet open gecommuniceerd wordt over de resultaten en
werkwijzen, zal de uitvoering van het energiemanagement weinig opleveren.
Organisatie
De organisatie van een energiemanagementsysteem kan sterk verschillen per
bedrijf. Belangrijk voor het welslagen is dat taken en
verantwoordelijkheden duidelijk worden vastgelegd. Zoals reeds aangehaald
zal in ieder geval het (operationele) management de
eindverantwoordelijkheid dragen. Deze moet zorgen dat de organisatie goed
functioneert, stelt de targets en gaat aan de hand van de rapporteringen
na in hoeverre moet worden bijgestuurd. De verdere ondersteuning hangt
vervolgens sterk af van de omvang van het systeem. Een uitgebreid
monitoringsysteem betekent vaak dat een specialist in dataverwerking
verantwoordelijk is voor het functioneren van het systeem. Verder zullen
de meetinstrumenten onderhouden en gecontroleerd moeten worden.
Analyse van de gegevens en opstellen van de rapporten kan deels
automatisch plaatsvinden, maar iemand met kennis van zaken zal moeten
toezien op een correcte verwerking. Dit kan bijvoorbeeld een
energiecoördinator zijn. Veelal wordt een energiecoördinator door de
bedrijfsleiding aangewezen als een coördinator voor het gehele
energiemanagement. Dit mag er echter niet toe leiden dat het operationele
management zijn managementtaken neerlegt bij diezelfde coördinator.
Energiemonotoring
De hardware van een systeem voor energiemonitoring bestaat uit
instrumentatie, bekabeling en een data-acquisitiesysteem. Verder is er
software nodig voor het opslaan en verwerken van de gegevens. Voor
kantoorgebouwen bestaan reeds standaard gebouwbeheerprogramma’s waarin een
energiemonitoringdeel is opgenomen. Deze programma’s zijn over het
algemeen niet echt geschikt voor een productieproces, hiervoor zal meestal
een op maat gemaakt programma ontwikkeld moeten worden. Dit kan heel
redelijk met de moderne spread-sheet-programma’s maar soms wordt een
specifiek programma ontwikkeld. Het voordeel van de spread-sheet-programma’s
is dat ze heel toegankelijk zijn en gemakkelijk aan te passen.
Grote productieprocessen worden vaak bestuurd met eens DCS (Distributed
Control System). De gegevens kunnen uit het DCS worden ingelezen in een
procesinformatiesysteem waarmee gegevens in de tijd vastgelegd kunnen
worden. In dit informatiesysteem kan energiemonitoring worden opgenomen.
De leveranciers van dergelijk DCS hebben vaak zelf een
procesinformatiesysteem dat aansluit op hun DCS. In de software kan men
zelf berekeningen en grafieken opzetten. Men kan het ook op een eigen pc
opzetten, bijvoorbeeld met een spread-sheet. In dat geval moet de
leverancier van het DCS een zogenaamde Gateway aanleveren.
Bestaat er geen DCS of vergelijkbaar systeem dan kan men ook denken aan
een apart (stand alone) systeem, ook wel Scada genoemd (System Control And
Data Acquisition). Dit systeem draait op een industriële pc en is
uitgerust met een aantal Input/Output-kaarten om gegevens in te lezen en
eventueel regelacties uit te voeren.
Implementatie
Terwijl energiemanagement een permanent onderdeel van de bedrijfsvoering
zal zijn, kan de implementatie van energiemanagement het beste worden
aangepakt als een project. Het doel, de middelen, de organisatie, het
budget en de tijdsplanning moeten van tevoren duidelijk worden vastgelegd.
Voor de ontwikkeling en implementatie van energiemanagement en de opzet
van een energiemanagement-/monitoringsysteem is kennis nodidg van het
bedrijf, van management en van energietechniek. Vaak wordt voor
energietechniek een aanvullende ondersteuning van buiten gezocht.
Belangrijk hierbij is dat het ondersteunende bureau niet een puur
technische benadering hanteert, maar een systeem ontwikkelt vanuit een
management perspectief. Sommige adviesbureau’s hebben echter slechts een
oppervlakkige kennis van een bedrijf waar energiemanagement wordt
ingevoerd, zowel van de processen als van de managementcultuur. Daarom is
het van belang dat in het projectteam voor het invoeren van
energiemanagement ook medewerkers van het bedrijf deelnemen en in ieder
geval een operationele leidinggevende Het functioneren van
energiemanagement dient na de invoering te worden geëvalueerd waarna het
systeem indien nodig kan worden aangepast en verbeterd.
M.M.
La gestion de l’énergie
Une partie intégrante du management opérationnel
L’économie d’énergie et l’amélioration de l’efficacité de l’énergie
sont des thèmes suivis actuellement de très près. Par ailleurs, les
changements que traverse le marché de l’énergie imposent un rôle actif en
matière d’achat d’énergie et requièrent absolument une meilleure
perception de sa propre consommation. La gestion de l’énergie permet de
contrôler, à l’aide d’un système, les coûts énergétiques nécessaires à la
gestion industrielle.
Pour assurer une économie structurelle des coûts énergétiques, la gestion
de l’énergie devra être rajoutée à la gestion opérationnelle de l’entreprise.
Autrefois, les études et projets d’économie d’énergie étaient souvent
réalisés périodiquement. En général, cela se traduisait par l’implémentation
progressive d’améliorations. Cependant, la question visant à savoir si une
mesure d’économie apportait l’amélioration escomptée, restait souvent sans
réponse. En général, le bilan énergétique est rédigé une seule fois, dans
le cadre d’une étude d’économie d’énergie. Malheureusement, il est souvent
dépassé après un an. On pourra aller plus loin dans l’économie d’énergie
en effectuant une mesure et un enregistrement (monitoring) structurels des
flux énergétiques et en y conformant le processus.
Définition
Les définitions de la gestion de l’énergie peuvent présenter certaines
différences mais elles reviennent toujours à dire que les flux et coûts
énergétiques peuvent être maîtrisés par la mesure, l’enregistrement et l’ajustement.
La gestion de l’énergie fait ainsi partie intégrante de la gestion
opérationnelle d’une entreprise, tout comme la maîtrise des coûts, l’entretien,
la qualité, la sécurité, le savoir-faire, l’environnement… Les notions de
contrôle énergétique et d’organisation de l’énergie sont également
utilisées et présentent de nombreuses similitudes avec la gestion de
l’énergie. Un système de gestion de l’énergie est un système spécialement
conçu pour une entreprise, dans lequel la méthode de gestion de l’énergie
a été formalisée et définie. Il comprend la collecte d’informations par la
réalisation de mesures, l’enregistrement, la présentation au travers de
graphiques et d’indices chiffrés spécifiques jusqu’à la structure
organisationnelle.
La surveillance de l’énergie porte sur la collecte de données au bénéfice
de la gestion de l’énergie. Il s’agit donc d’un système d’acquisition de
données. Le système de surveillance de l’énergie peut faire partie d’un
système d’information de processus ou de gestion ou constituer un système
distinct axé spécifiquement sur le bilan énergétique.
Conditions
La réussite de la gestion de l’énergie dépend surtout du sentiment de
responsabilité du management (opérationnel) à l’égard d’une exécution
fructueuse de la gestion de l’énergie. Le management doit définir des
objectifs et vérifier ensuite si ceux-ci ont été atteints. Si ce n’est le
cas, il devra éventuellement les ajuster. La gestion de l’énergie n’est
donc pas un projet mais un élément de la gestion générale qui doit être
régulièrement examiné de plus près. Sans l’implication du management et de
la société, la gestion de l’énergie n’aboutira pas.
Avant la mise sur pied initiale d’un système de gestion de l’énergie, il
faudra élaborer un bilan énergétique, par exemple en pratiquant une étude
(d’économie) d’énergie ou en passant en revue le potentiel énergétique. En
ayant une meilleure vue du bilan énergétique d’une entreprise ou d’un
processus, il est possible de déterminer des objectifs d’économie ou des
cibles. En général, ces cibles sont définies à l’aide d’indices chiffrés
tels que la consommation spécifique des flux énergétiques (par exemple kWh
par tonne de produit, tonne de vapeur par tonne de produit, coûts
énergétiques par tonne de produit ou rendement (visé)). Il existe aussi
des indices chiffrés qui ne sont pas liés au processus comme la
consommation de gaz naturel par degré-jour ou par mètre carré de surface
du bâtiment. On peut également envisager les consommations des
installations utilitaires. S’il s’avère que certains facteurs ont une
influence sur la consommation énergétique, ils peuvent également être pris
en compte. Pensez par exemple aux indices chiffrés des appareils comme par
exemple le degré de pollution, le coefficient (mesuré) de transfert de
chaleur… Si d’autres chiffres liés au processus paraissent importants pour
la consommation d’énergie (comme la consommation spécifique des matières
premières, le pourcentage de déchets et les flux d’eaux résiduaires), ils
peuvent également être utilisés. Ensuite, il faut établir des objectifs
pour chacun de ces indices chiffrés. Les objectifs fixés peuvent par
exemple porter sur la consommation existante. D’autres objectifs peuvent
être fixés à l’aide de la littérature existante sur le processus ou d’après
des calculs de faisabilité effectués dans le cadre de projets d’amélioration.
On peut également vérifier les consommations spécifiques de différents
lots ou de différentes équipes. Il arrive parfois, qu’une méthode de
commande différente induise d’autres consommations d’énergie. A l’instar
des systèmes de contrôle des conditions du travail, de l’environnement et
de la qualité, la gestion de l’énergie traverse un cycle de planification,
d’exécution, de contrôle et d’ajustement et comprend généralement les
quatre points suivants :
1/ Mesure et enregistrement
Au cours de cette étape, les données de mesure essentielles sont
collectées. Dans un bilan énergétique initial, on établit à un moment
donné la consommation de l’ensemble des consommateurs d’un processus. La
taille du flux énergétique en combinaison avec l’économie d’énergie
escomptée ou à atteindre déterminent s’il est sensé de mesurer un certain
flux. Lors de la mesure et de l’enregistrement (surveillance), différents
types de données sont rencontrés :
a. données du processus
b. données sur la génération des utilitaires (vapeur, eau chaude, air
comprimé…)
c. données environnementales
Le stockage adéquat des données constitue un élément essentiel d’un bon
système de surveillance de l’énergie. Il permet de disposer des données
sur plusieurs années. Afin de ne perdre aucune information mais de ne pas
exagérer non plus le nombre de données de mesure, il convient de
rechercher une fréquence de mesure (intervalle entre deux mesures)
optimale. On a parfois tendance à trop conserver, ce qui rend les données
peu synoptiques. Tandis que la mesure se fait souvent en continu, on
pourrait envisager des moyennes sur 5, 10 ou 15 minutes.
2/ Analyse
Les données sont souvent introduites en grandes quantités et sauvées dans
des fichiers ou dans des feuilles de calcul. Ensuite, elles doivent être
analysées afin d’être converties en informations utiles. La première étape
consiste à établir une restriction. Comme nous l’avons déjà indiqué, il
est souvent possible de recourir à des moyennes. Vient alors le calcul du
bilan énergétique. Les indices chiffrés peuvent alors généralement être
définis avec aisance. Les tendances de ces indices chiffrés peuvent être
indiquées graphiquement afin de bien souligner les changements dans le
temps. L’objectif fixé peut être indiqué et l’influence des projets et
mesures peut être rendue visible. Sur la base des données obtenues, l’intervalle
entre deux entretiens peut être calculé, par exemple dans le cas d’une
pollution d’un échangeur de chaleur.
Il est évident que les flux énergétiques peuvent également être convertis
en flux financiers. Il est également possible d’évaluer si la pointe de
consommation ne peut être réduite et si la forme contractuelle de l’achat
de l’énergie est bien optimale.
3/ Rapportage
Les résultats de cette étape d’analyse doivent être repris de façon très
concise (souvent sous forme de graphiques) dans un rapport adressé au
management (opérationnel). La fréquence optimale de ce rapportage sera
définie pour chaque entreprise.
4/ Ajustement
A l’aide des rapports, le management opérationnel peut comparer sa
position par rapport aux objectifs. En fonction de cela, il convient d’ajuster
le tir ou de vérifier la faisabilité d’un objectif. L’ajustement implique
souvent une concertation et un retour d’information au personnel de
service, au coordinateur de l’énergie ou à l’ensemble des collaborateurs.
Il est donc primordial que tous les collaborateurs soient bien informés de
l’implémentation et des résultats de la gestion de l’énergie. Il est
indispensable que le personnel de service se sente (devienne) très motivé
pour collaborer ouvertement et activement. Sans communication ouverte sur
les résultats et les méthodes de travail, l’instauration d’une gestion de
l’énergie ne donnera que peu de résultats.
Organisation
L’organisation d’un système de gestion de l’énergie peut fortement
différer d’une société à l’autre. Pour réussir, il est important de bien
définir les tâches et responsabilités. Comme nous l’avons déjà précisé, le
management (opérationnel) assumera de toute façon la responsabilité
finale. Il doit veiller au bon fonctionnement de l’organisation, il doit
fixer les objectifs et vérifier à l’aide des rapports dans quelle mesure
ceux-ci doivent être ajustés. Le reste du support dépend ensuite fortement
de l’ampleur du système. Un vaste système de surveillance requiert souvent
un spécialiste en traitement de données qui assumera la responsabilité du
fonctionnement du système. Pour le reste, les instruments de mesure
devront être entretenus et contrôlés. L’analyse des données et la
rédaction des rapports peuvent être partiellement automatisées mais une
personne spécialisée en la matière devra surveiller le bon déroulement des
choses. Cette tâche peut par exemple être confiée au coordinateur de
l’énergie. Le coordinateur de l’énergie est souvent désigné par la
direction pour coordonner l’ensemble de la gestion de l’énergie. Ceci ne
peut nullement signifier que le management opérationnel se décharge de ses
tâches de gestion auprès dudit coordinateur.
Surveillance de l’énergie
Le matériel d’un système destiné à la surveillance de l’énergie se compose
de l’instrumentation, du câblage et d’un système d’acquisition de données.
Un logiciel destiné au stockage et au traitement des données est également
nécessaire. Il existe déjà des programmes standard de gestion de bâtiment
pour les immeubles de bureaux. Ces programmes comprennent une partie
dédicacée à la surveillance de l’énergie. En général, ils ne conviennent
pas vraiment à un processus de production, qui requiert le développement
d’un programme taillé sur mesure. Ce développement n’est pas compliqué
avec les tableurs modernes mais parfois, l’on recourt au développement
spécifique. L’avantage des tableurs, c’est qu’ils sont très accessibles et
facilement adaptables. Les grands processus de production sont souvent
pilotés par un DCS (Distributed Control System). Extraites du DCS, les
données peuvent être introduites dans un système d’information de
processus à l’aide duquel les données sont fixées dans le temps. La
surveillance de l’énergie peut être reprise dans ce système d’information.
Les fournisseurs d’un tel DCS disposent souvent eux-mêmes d’un système d’information
de processus qui s’harmonise avec leur DCS. Le logiciel permet d’élaborer
soi-même des calculs et graphiques. On peut également les exploiter sur
son propre PC, par exemple à l’aide d’un tableur. Dans ce cas, le
fournisseur du DCS doit être à même de fournir un Gateway.
S’il n’existe pas de DCS ou de système similaire, on peut aussi envisager
un système distinct (stand alone), également appelé Scada (System Control
And Data Acquisition). Ce système tourne sur un PC industriel et est
équipé d’un nombre de cartes d’entrées/sorties pour introduire les données
et réaliser éventuellement des actions de régulation.
Implémentation
Tandis que la gestion de l’énergie constituera une partie permanente de la
gestion industrielle, son implémentation sera plutôt abordée sous la forme
de projet. L’objectif, les moyens, l’organisation, le budget et la
planification dans le temps doivent être définis clairement au préalable.
Le développement et l’implémentation de la gestion de l’énergie et la mise
sur pied d’un système de gestion et de surveillance de l’énergie
requièrent une bonne connaissance de l’entreprise, de management et des
techniques énergétiques. Pour les techniques énergétiques, les sociétés
recherchent souvent un support complémentaire à l’extérieur. Il est
important que le bureau de conseil ne se limite pas à une approche
purement technique mais qu’il développe un système à partir d’une
perspective de gestion. Certains bureaux de conseil ne disposent toutefois
que de connaissances superficielles sur la société où la gestion de
l’énergie est implémentée, tant en termes de processus que de culture de
gestion. Raison pour laquelle il est important que l’équipe de projet
responsable de l’implémentation de la gestion de l’énergie implique
également des collaborateurs de la société et, de toute façon, un
responsable opérationnel. Le fonctionnement de la gestion de l’énergie
doit être évalué après l’introduction afin d’adapter ou d’améliorer, si
nécessaire, le système.
M.M.
|