|
Outsourcing
Uitbestedingsmarkt nog steeds “onvolwassen”
version française
“De uitbestedingsmarkt is nog steeds voor een stuk onvolwassen.
Outsourcing kan voordelen opleveren, mits er goed mee omgegaan wordt. Er
dient rekening gehouden te worden met de bestaande wetgeving en CAO’s, wat
de zaken niet altijd vereenvoudigt”, stelt Raymond Wouters van Fabricom
GTI.
De uitbesteding van allerhande processen krijgt in toenemende mate een
strategisch karakter. Tot dusver wordt dit fenomeen nog beheerst door het
uitbesteden van enkele, op zichzelf staande processen. Daarbij gaat het
dus veelal om enkelvoudige transacties. Maar langzaam maar zeker gaan
steeds meer bedrijven over tot het uitbesteden van complete en complexe
processen, waarbij de dienstverlenende partij de volledige
managementverantwoordelijkheid op zich neemt. Maintenance Magazine had
hierover een gesprek met Raymond Wouters, Division Manager bij Fabricom
GTI.
Activiteiten uit handen geven om ze door derden te laten uitvoeren,
veronderstelt een hechte vertrouwensrelatie tussen uitbesteder en
uitvoerder. Of dat lukt, hangt af van de manier waarop de outsourcer de
uitdaging aanpakt én van de manier waarop de leverancier dat doet. Zo moet
het proces aanvaard geraken binnen de eigen organisatie van het bedrijf en
moeten de verwachtingen en doelstellingen worden afgestemd. Het
partnership moet worden hardgemaakt en de klant dient zijn verwachtingen
te vertalen in resultaten en resultaatgebieden. Aflijning van de
verantwoordelijkheden veronderstelt een precieze afbakening van de
processen. De rol van het interne management (strategisch) moet worden
begrensd en afgebakend alsook die van de leverancier (operationeel-tactisch).
Onvolwassen
“Momenteel is de uitbestedingsmarkt nog voor een stuk ‘onvolwassen’,
omdat slechts een handjevol bedrijven bereid is de controle op te geven
over meerdere (zakelijke) processen tegelijkertijd. Vandaar dat de trend
naar meer strategische uitbesteding eerder in fases dan volgens een ‘big
bang’ zal verlopen,” aldus Raymond Wouters. En hij vervolgt: “Outsourcing
staat al enkele jaren in de belangstelling. Na een aanvankelijke
juichstemming volgde een periode met behoorlijk wat kritiek. De laatste
tijd zijn de meningen wat gematigd en is de teneur dat outsourcing
voordelen kan opleveren, mits er goed mee omgegaan wordt.”
Bedrijven kunnen goede redenen hebben om activiteiten uit te besteden,
zoals:
§ Economische: het bedrijf kan zijn kosten (interne inclusief) drukken
§ Er ontstaat grotere kostentransparantie
§ Kwaliteit: door hun grotere specialisatie kunnen derden betere kwaliteit
afleveren
§ Schaaleffect: derden kunnen een schaalvoordeel aanreiken dat voor
bepaalde activiteiten/diensten in huis dikwijls niet aanwezig is
§ Core-business: een bedrijf dat randactiviteiten uitbesteedt, kan zich
gemakkelijker concentreren op zijn kernactiviteiten en die dus
optimaliseren.
Maar wanneer wordt er nu goed met outsourcing omgegaan? Wanneer heb je het
besluitvormingstraject zorgvuldig doorlopen? Indien men wil outsourcen,
wat zijn de rechten en plichten?
Strategisch karakter
In de praktijk gaat het voornamelijk om de doelmatigheid en het
(eventuele) financiële voordeel bij uitbesteden. Wordt het eigen bedrijf
van een ‘last’ verlost of komt er weer een ‘molensteen’ bij? Kunnen derden
de gestelde taken wellicht kwalitatief beter en zeker goedkoper
verrichten? Verliezen we daardoor geen expertise en/of flexibiliteit?
De zogenaamde kernactiviteiten van een bedrijf bepalen het wezen van de
organisatie, de missie, strategie en de productiviteit. Het afstoten van
kerntaken maakt het eigen bedrijf afhankelijker van toeleveranciers en
andere derden. Wie bijvoorbeeld machines of motoren assembleert en de
benodigde technici van elders moet betrekken, loopt het risico dat er op
het moment van een groter order te weinig vakkrachten aanwezig zijn. Men
moet er dus steeds op letten dat de kernactiviteiten niet te nauw begrensd
worden. Strategische inzichten willen nog wel eens veranderen en dat kan
vervelend zijn als die nu ineens belangrijke kerntaak net vorig jaar de
deur werd uitgedaan.
Raymond Wouters: “Een veel gehoorde reden voor outsourcing is dat het
eigen management zich wil concentreren op de core business van het
bedrijf. Laat een ander dus maar de onderhoudsactiviteiten uitvoeren. Het
eigen management dient echter goede kaders of raamwerken aan te geven. Wat
wordt er verwacht? Om welke taken gaat het? Wat zijn de kwaliteitseisen?
Wat mag het gaan kosten? Wat is de verwachte beschikbaarheidsgraad van de
installaties? Een andere belangrijke managementkeuze is die tussen
outsourcing en de volgende alternatieven voor uitbesteding:
§ Een joint venture tussen de eigen interne en een aanvullende of
ondersteunende externe dienstverlener;
§ Een interne dienst een stuk verzelfstandigen tot een marktconform
werkende dienst;
§ De eigen dienst aan een derde exploitant ‘verkopen’ en vervolgens de uit
te voeren activiteiten daar weer van inhuren;
§ Een zelfstandige (werk-) maatschappij van de voormalige eigen interne
dienst maken en de afname van de activiteiten contractueel vastleggen;
§ …
Zonder een doortimmerd eisenpakket komen we nergens. Formuleer dus eerst
de behoeften en verwachtingen van de in te kopen dienst vanuit de eigen
strategie. Besteed met name aandacht aan de interne bedrijfprocessen
waarop de te outsourcen activiteiten moeten aansluiten.”
Rechten en plichten
Outsourcing is een markt met veel potentieel. Ondernemingen vertrouwen
taken aan derden toe, in groeiende mate. En terecht. Onze economie is
immers een kenniseconomie geworden. Toegevoegde economische waarde is nu
in grote mate ‘weten’. De economie van vandaag bestaat erin kennis te
verwerven, deze op te slaan, te manipuleren en door te spelen aan anderen.
Er is nu zodanig veel kennis en deze neemt exponentieel toe, dat geen
enkele onderneming nog alle kennis in huis kan hebben, die nodig is om het
beste product te maken of dienst te leveren aan de beste
voorwaarden/prijs. Al die kennis in eigen huis hebben is trouwens ook niet
nodig, want men kan die kennis die nodig is verkrijgen van anderen.
Raymond Wouters: “Men gaat niet alleen outsourcen omwille van de betere
knowhow die anderen hebben. Men gaat ook outsourcen omdat dit de kosten
kan drukken én een betere invulling tot stand brengt van de
piekbezettingen, bijvoorbeeld bij een shutdown. En in deze competitieve
wereld is dat graag meegenomen.”
Indien een onderneming uitbesteedt, dan betaalt ze voor het resultaat dat
ze krijgt, ze betaalt niet langer voor iemand die in een kantoor van de
onderneming zit. Daarenboven kan men bij het uitbesteden de markt laten
spelen en de, naar zijn normen, beste onderaannemer aanschaffen. Best op
stuk van kost, service en kwaliteit, just in time, … Niets dan voordelen
dus. Maar toch ligt dat niet zomaar voor de hand.
Raymond Wouters: “Inderdaad, het is wel iets complexer dan dat. Neem nu
bijvoorbeeld een productiebedrijf dat de beschikbaarheid van de
installaties wenst te verhogen door bepaalde activiteiten, zoals
onderhoud, te outsourcen. Dit onderhoudsgebeuren kan dus geschieden door
ondernemingen die tot een andere bedrijfssector behoren en meteen onder
een ander paritair comité ressorteren. Indien bij de outsourcing van het
maintenancegebeuren ook de werknemers van deze bedrijfsafdeling mee
overgaan, moet er dus rekening gehouden worden met de bestaande wetgeving
en CAO’s.”
Collectieve arbeidsovereenkomsten
Inderdaad, een wet van 1968 betreffende de CAO’s en de paritaire
comités bepaalt dat de nieuwe werkgever de collectieve
arbeidsovereenkomsten die aan het desbetreffende bedrijf verbonden waren,
verder dient na te leven. M.a.w. ook de door het bedrijf overeengekomen
CAO’s en de sectorale collectieve arbeidsvoorwaarden gaan mee. Daarenboven
is er ook nog zoiets als de incorporatie van lonen en arbeidsvoorwaarden
in de individuele arbeidsovereenkomsten. Dit betekent dat de collectieve
vastgelegde lonen deel uitmaken van de individuele arbeidsovereenkomst,
tenzij de CAO een uitdrukkelijke clausule zou bevatten, die deze
incorporatie uitsluit, wat slechts zelden het geval is. Alleen de nieuwe
werknemers, die de nieuwe baas aanwerft vallen onder de andere CAO’s van
de eigen sector. Raymond Wouters: “Dit kan inderdaad soms een probleem
zijn en de onderhandelingen bemoeilijken. En hij besluit: “Bij het
opzetten van een outsourcing operatie dient men dus niet alleen oog te
hebben voor de technische aspecten, de kostprijs of de beschikbaarheid van
de installaties. Het personeel zelf en de bijhorende arbeidsvoorwaarden
zijn eveneens van belang. Zonder hierbij het belang van een goede
integratie in de nieuwe werkomgeving en de bijhorende bedrijfscultuur te
vergeten. Het geheel is ontegensprekelijk niet eenvoudig te realiseren.
Het is echter ongetwijfeld één van de mogelijke antwoorden op de steeds
toenemende concurrentie van de lageloonlanden t.o.v. onze regio”. <<
Hubert Lahaut
Sous-traitance
Le marché de la sous-traitance ‘immature’
“Le marché de la sous-traitance n’est pas encore complètement mature. La
sous-traitance peut offrir certains avantages à condition de bien l’utiliser.
Il faut tenir compte de la législation en vigueur et des CCT, ce qui ne
simplifie pas les choses” déclare Raymond Wouters de Fabricom GTI.
La sous-traitance des processus les plus divers prend un caractère de plus
en plus stratégique. Jusqu’à ce jour, ce phénomène est encore réservé à la
sous-traitance de quelques processus autonomes portant fréquemment sur des
transactions simples. Cependant, les sociétés se mettent lentement mais
sûrement à sous-traiter des processus complets et complexes, pour lesquels
le prestataire de services assume l’entière responsabilité de gestion.
Maintenance Magazine s’est entretenu à ce sujet avec Raymond Wouters,
Division Manager chez Fabricom GTI.
Sous-traiter des activités à des tiers suppose une relation de confiance
étroite entre le client et le sous-traitant. La réussite dépend de la
manière dont le client et le fournisseur relèvent le défi. Le processus
doit être accepté au sein de la société et les attentes et objectifs
doivent être en parfaite concordance. Le partenariat doit se concrétiser
et le client doit traduire ses attentes en résultats et domaines de
résultats. Le rôle du management interne (stratégique) et celui du
fournisseur (opérationnel-tactique) doivent être bien définis et délimités.
Immature
“Pour l’heure, le marché de la sous-traitance est encore partiellement
‘immature’. En effet, seules quelques sociétés sont disposées à abandonner
le contrôle de plusieurs processus (professionnels) en même temps. La
tendance vers une sous-traitance plus stratégique évoluera donc plutôt par
phases que sous la forme d’un big-bang” ajoute Raymond Wouters. Et de
poursuivre “La sous-traitance suscite de l’intérêt depuis plusieurs années.
Après les débordements de joie initiaux, beaucoup de critiques ont été
émises. Ces derniers temps, les avis sont plus modérés. La sous-traitance
semble bel et bien fournir certains avantages, à condition de bien l’utiliser.”
Les sociétés peuvent avoir de bonnes raisons pour sous-traiter certaines
de leurs activités, par exemple :
§ des raisons économiques : la société peut ainsi comprimer ses frais (y
compris les frais internes)
§ la plus grande transparence des coûts
§ la qualité : grâce à une plus grande spécialisation, les tiers peuvent
fournir une meilleure qualité
§ l’effet d’échelle : les tiers peuvent fournir un avantage d’échelle avec
lequel la société ne pourra que rarement rivaliser pour certaines
activités/services
§ le métier de base : une société qui sous-traite des activités connexes
peut se concentrer plus facilement sur ses activités de base et ainsi les
optimiser.
§ ...
Mais quand faut-il recourir à la sous-traitance ? Quels éléments doivent
être pris en compte dans le processus décisionnel ? Et quels sont les
droits et devoirs de la sous-traitance ?
Caractère stratégique
Dans la pratique, la sous-traitance est principalement stimulée par un
souci d’efficacité et un (éventuel) avantage financier. La société
est-elle délivrée d’une charge ou doit-elle assumer un fardeau
supplémentaire ? Les tiers peuvent-ils réaliser les tâches avec une
meilleure qualité ou pour un meilleur prix ? Ne perdons-nous pas de ce
fait une expertise et/ou une flexibilité ?
Les activités de base d’une société déterminent l’essence même de l’organisation,
sa mission, sa stratégie et sa productivité. En abandonnant des tâches
essentielles, la société devient plus dépendante des sous-traitants et d’autres
tiers. La société qui assemble par exemple des machines ou des moteurs et
qui doit recourir à des techniciens externes, court le risque d’être
confronté à un manque de main-d’œuvre le jour où elle décrochera une plus
grosse commande. Il faut toujours veiller à ne pas trop brider les
activités de base. Les visions stratégiques peuvent encore changer et il
serait dommage qu’une soudaine branche importante ait justement été
écartée l’année précédente.
“Selon les dires, la sous-traitance est souvent motivée par le fait que le
management souhaite se concentrer sur le métier de base de la société. Qu’un
autre se charge des activités d’entretien ! Le management doit toutefois
définir de bons cadres et canevas. Quels peuvent être les coûts de la
sous-traitance ? Quel est le degré de disponibilité escompté des
installations ? Le management doit également opérer un autre choix
important, à savoir celui entre l’outsourcing et les alternatives
suivantes :
§ réaliser un joint-venture entre le prestataire de services interne et un
prestataire de services externe complémentaire ou de soutien ;
§ rendre un service interne partiellement autonome pour en faire un
service en phase avec le marché ;
§ vendre le service interne à un exploitant tiers à qui l’on s’adressera
par la suite pour l’exécution des activités ;
§ faire de l’ancien service interne une société d’exploitation autonome et
définir contractuellement l’achat des activités ;
§ ...
Sans un paquet d’exigences bien structuré, on n’arrive nulle part. Il faut
donc d’abord formuler les besoins et attentes du service à acheter en
fonction de sa propre stratégie. Il faut notamment attacher de l’importance
aux processus d’entreprise internes auxquels doivent se conformer les
activités à sous-traiter. »
Devoirs et obligations
L’outsourcing est un marché qui regorge de potentiel. Les entreprises
confient de plus en plus de tâches à des tiers. A juste titre d’ailleurs.
En effet, notre économie est devenue une économie de savoir-faire. Le
‘savoir’ est aujourd’hui principalement une valeur ajoutée économique.
L’économie actuelle consiste à acquérir un savoir-faire, à le mémoriser,
le manipuler et le transmettre à d’autres. Il existe aujourd’hui tant de
connaissances qui subissent une hausse exponentielle, qu’aucune entreprise
ne peut disposer de tout le savoir-faire nécessaire pour fabriquer le
meilleur produit ou fournir le meilleur service aux meilleures conditions/prix.
Disposer de tout ce savoir-faire en interne n’est d’ailleurs pas non plus
nécessaire puisqu’on peut l’obtenir chez d’autres. “On ne sous-traite pas
seulement pour profiter du meilleur savoir-faire dont disposent les autres”
remarque Raymond Wouters. “La sous-traitance permet également de comprimer
les coûts et de mieux répondre aux moments d’urgence, par exemple en cas
d’arrêt. Et dans le monde concurrentiel que nous connaissons aujourd’hui,
cette solution est la bienvenue.”
La société qui sous-traite paie pour le résultat qu’elle reçoit. Elle ne
paie plus une personne qui se trouve dans l’entreprise. Lors de la
sous-traitance, nous pouvons jouer le jeu de l’offre et de la demande et
nous adresser au sous-traitant qui répond le mieux à nos normes. Le
meilleur au niveau du coût, du service, de la qualité, du juste à temps…
Rien que des avantages et pourtant, ce n’est pas si évident.
“De fait, la situation est plus complexe” précise Raymond Wouters. “Prenez
l’exemple d’une société de production qui souhaite augmenter la
disponibilité de ses installations en sous-traitant certaines activités
telles que l’entretien. L’entretien peut donc être pris en charge par des
sociétés appartenant à un autre secteur industriel et faisant partie d’une
autre commission paritaire. Si la sous-traitance de la maintenance
implique aussi un transfert des employés du service interne, il faut tenir
compte de la législation en vigueur et des CCT.”
Conventions collectives de travail
En effet, une loi sur les CCT et les commissions paritaires datant de
1968 précise que le nouvel employeur doit continuer à respecter les
conventions collectives de travail liées à l’entreprise précédente. En d’autres
termes, les CCT conclus par l’entreprise et les conditions de travail
collectives du secteur sont également transférées. A cela, il faut ajouter
l’incorporation des salaires et conditions de travail mentionnées dans les
contrats de travail de chacun. Cela signifie que les salaires définis
collectivement font partie du contrat de travail individuel à moins que la
CCT ne contienne une clause explicite qui exclut cette incorporation, ce
qui n’est que rarement le cas. Seuls les nouveaux employés engagés par le
nouveau patron tombent sous la CCT de son secteur. “Cela peut parfois
poser un problème et compliquer les négociations” remarque Raymond
Wouters. “Lors de la mise sur pied d’une opération de sous-traitance, il
ne faut donc pas seulement faire attention aux aspects techniques, au prix
de revient ou à la disponibilité des installations. Le personnel et les
conditions de travail connexes doivent également être pris en compte, sans
oublier l’importance d’une bonne intégration dans le nouvel environnement
de travail et la culture d’entreprise. L’ensemble est indiscutablement
assez complexe. Pourtant, la sous-traitance représente incontestablement
une des éventuelles réponses à la concurrence sans cesse croissante des
pays à bas salaires. <<
Hubert Lahaut
|