Pré TCP/IP opwaarderen
Seriële gegevens overdragen via ethernet


Version Française

Vele in de automatisering ingezette modules en apparaten werden ontwikkeld op een moment dat TCP/IP of ethernet nog ongekend en onbemind waren binnen de
industriële wereld. Toch is het vandaag in vele gevallen wenselijk ze te laten communiceren met andere modules of gegevens door te geven aan een database via het in de industrie alsmaar populairder wordende ethernet. Om deze aansluiting mogelijk te maken zijn er nu omvormers op de markt met bijhorende software die het mogelijk maken om de seriële gegevens transparant over te zetten naar ethernet.

Bestaande installaties beschikken vaak niet over een eigen ethernetpoort, of de bijhorende toepassing werkt enkel met de lokale COM-poorten (bijv. COM1), en hebben geen kennis van netwerken of TCP/IP. Vele van deze toepassingen werden geschreven nog voor ethernet of TCP/IP een stevige voet in huis had binnen de industriële wereld. Anderzijds kan men zich vaak de vraag stellen of gebruikelijke netwerkbouwgroepen met gecompliceerde inbedrijfname en configuratie bevorderlijk zijn voor de sturing, wanneer er enkel een paar meldingen en gegevens over het ethernet uitgewisseld moeten worden.

Een mogelijke oplossing om seriële modules in een netwerkomgeving te plaatsen is gebruik te maken van een serieel/ethernet omzetter. Hier worden voor het gebruik in industriële omgevingen zo veel toepassingen geboden, dat ze best in vier categorieën opgedeeld worden, namelijk monitoring, controle, configuratie/programmatie en gegevensverzameling of ook "data logging" genoemd.

Monitoring
Monitoring komt er op neer dat een toestel de functie van een ander toestel bewaakt. Dat kan over SCADA (System Control And Data Acquisition), een HMI-pakket of andere bewakings- en visualiseringstools gerealiseerd worden. Monitoring wordt in hoofdzaak gebruikt om de toestand van toestellen te bewaken en indien nodig bij eventuele fout een alarm te genereren. In volgend voorbeeld visualiseert een SCADA software de toestand van een tankinstallatie. De sensoren leveren informatie over de vullingsgraad, temperatuur, druk en afvoer. De lokale sturing verwerkt de gegevens en zendt deze over de serieel/ethernet omzetter via het netwerk naar de SCADA-toepassing.

Controle
Het controleren is vergelijkbaar met het bewaken, maar dan uitgebreid met acties en commando’s. Blijven we bij het voorbeeld van de tankinstallatie, dan kan de SCADA-toepassing direct op een gebeurtenis reageren en bijvoorbeeld de vullingsgraad bijregelen door de afvoer te smoren. In dit geval worden gegevens in twee richtingen over het netwerk gestuurd, namelijk van de tanksturing naar de SCADA-software en omgekeerd.

Configuratie
Hier wordt de serieel/ethernet convertor in hoofdzaak gebruikt om van op afstand de configuratie van een toestel uit te voeren of te bekijken.

Gebruikelijker wijze worden de sturingen zo geprogrammeerd en geconfigureerd, dat een technieker lokaal zijn laptop direct op de sturing aansluit en een nieuwe programma of configuratie download. Met de omvormer is het nu mogelijk dat ook voor deze oudere of niet ethernetvoorbereide toestellen de programmatie en configuratie vanuit een centrale plaats kan gebeuren. Dit beperkt zich niet enkel tot het lokale netwerk, want via router kan ook van extern op het toestel ingegrepen worden, bijvoorbeeld in geval van storing moet de leverancier zich niet onvoorwaardelijk ter plaatse begeven om het toestel te testen en om er op in te grijpen.

Data Logging
Een vierde toepassing van de omvormer in de industriële omgeving is het optekenen van belangrijke gegevens. Vele toestellen hebben de mogelijkheid om informatie over hun toestand te versturen en dikwijls van een tijdstempel te voorzien. Daarmee kan bepaald worden op welk tijdstip zich een functie veranderd heeft. Er zijn vele modules op de markt die deze gegevens kunnen lezen en in een remanent geheugen kunnen opslaan, om zo veranderingen op te volgen. Om de gegevens uit te lezen en verder te gebruiken staat in de meeste gevallen enkel een seriële interface ter beschikking. Hier kan dan de serieel/ethernet omzetter op aangesloten worden om de gegevens op het netwerk ter beschikking te stellen. Afhankelijk van het type omzetter zijn er verschillende protocollen mogelijk, zodat in de meeste gevallen de gegevens direct verwerkt kunnen worden. Indien dat niet het geval zou zijn, dan kunnen in sommige gevallen de gegevens nog altijd 1 op 1 en protocolonafhankelijk (TCP-Tunnel) overgedragen worden.

Aansluiting
De aansluiting op het netwerk gebeurt over een 10BaseT- of 100BaseTx-ethernetinterface. De aansluiting van de toestellen zelf gebeurd door middel van de seriële interface RS-232, of in sommige gevallen zijn er ook mogelijkheden voor RS-485 of kunnen rechtstreeks digitale en analoge in- en uitgangen aangesloten worden.

Voor de verbinding tussen machine en machine of tussen machine en toepassing via ethernet of internet zijn er afhankelijk van het type verschillende protocollen mogelijk, waaronder TCP Socket / Telnet, UDP Socket, UDP Multicast, TCP Tunnel en UDP Tunnel.

Alles in verbinding
De verbinding van een toestel met een netwerk heeft zowel invloed op het toestel zelf als op de bijhorende toepassingen. Barcodescanners, meettoestellen, weegschalen en alle andere toestellen met een seriële poort, waarbij de software uitsluitend gebruik kon maken van de COM1-poort of waar een extra PC werd ingezet om het toestel aan te sluiten en te controleren, kunnen nu via de serieel/ethernet convertors rechtstreeks op het net aangesloten worden. Bijkomstige softwarepakketten staan ter beschikking om er onder andere voor te zorgen dat er voor het netwerk een virtuele COM-poort ter beschikking staat terwijl in realiteit de gegevens via de convertor worden omgeleid.


Intégration d'anciens appareils
Transférer les données sérielles via Ethernet

De nombreux modules mis en œuvre en automatisation ont été conçus à une période où TCP/IP ou Ethernet étaient encore persona non grata dans le monde industriel. Pourtant, il est aujourd’hui fréquent de devoir les faire communiquer avec d’autres modules ou de transmettre des données à une base de données via Ethernet, qui s’avère de plus en plus populaire dans l’industrie. Pour permettre cette connexion, il existe à présent des transformateurs avec un logiciel adjoint permettant de transposer les données sérielles de façon transparente vers Ethernet. Quelques mots d’explications.

es installations en place disposent rarement de leur propre port Ethernet ou alors l’application développée ne fonctionne qu’avec des ports COM locaux (par exemple COM1), et n’a aucune connaissance des réseaux ou de TCP/IP. Bon nombre de ces applications ont été écrites avant même qu’Ethernet ou TCP/IP ne soit bien ancré dans le monde industriel. D’autre part, on est en droit de se demander si les modules de réseaux habituels avec une mise en service et configuration complexes sont favorables à la commande lorsqu’il ne faut échanger par Internet que quelques mentions et données.

L’utilisation d’un convertisseur série/Ethernet constitue une solution éventuelle pour placer des modules sériels dans un environnement de réseau. Les applications rencontrées dans les environnements industriels sont tellement nombreuses qu’il est utile de les répartir en quatre catégories : la surveillance, le contrôle, la configuration/programmation et la collecte de données ou ‘data logging’.

Surveillance
La surveillance revient à faire surveiller la fonction d’un appareil par un autre appareil. Cela peut se faire via un SCADA (System Control And Data Acquisition), un progiciel HMI ou d’autres outils de surveillance et de visualisation. La surveillance est principalement utilisée pour surveiller l’état des appareils et générer, si nécessaire, une alarme en cas de défaut. Dans l’exemple suivant, un logiciel SCADA visualise l’état d’une installation de réservoirs. Les capteurs fournissent des informations sur le degré de remplissage, la température, la pression et l’évacuation. La commande locale traite les données et les envoie via le réseau à l’application SCADA au travers du convertisseur série/Ethernet.

Contrôle
Le contrôle est comparable à la surveillance à laquelle on ajoute toutefois des actions et commandes. Gardons l’exemple de l’installation de réservoirs. L’application SCADA peut réagir directement à un événement et ajuster par exemple le degré de remplissage en fermant la vidange. Dans ce cas, les données sont envoyées par le réseau dans les deux directions, à savoir de la commande du réservoir au logiciel SCADA et inversement.

Configuration
Ici, le convertisseur série/Ethernet est principalement utilisé pour effectuer ou visualiser à distance la configuration d’un appareil.

Traditionnellement, les commandes sont programmées et configurées de telle sorte qu’un technicien raccorde localement son portable directement à la commande et télécharge un nouveau programme ou une nouvelle configuration. Avec le convertisseur, la programmation et configuration de ces appareils plus anciens ou non conçus pour Ethernet peut désormais se faire à partir d’un point central. Ceci ne se limite pas seulement au réseau local car, via le routeur, il est également possible d’intervenir de l’extérieur sur l’appareil. En cas de panne par exemple, le fournisseur n’est pas obligé de se rendre sur place pour tester l’appareil et intervenir.

Data logging
L’enregistrement de données en grande quantité constitue une quatrième application du convertisseur dans l’environnement industriel. De nombreux appareils ont la possibilité d’envoyer des informations sur leur état et de les doter d’une étiquette temporelle. Ainsi, on peut déterminer à quel instant une fonction a changé. Beaucoup de modules disponibles sur le marché peuvent lire ces données et les stocker dans une mémoire rémanente afin de suivre ainsi les changements. Pour lire les données et les exploiter plus à fond, ceux-ci ne disposent souvent que d’une interface série. Le convertisseur série/Ethernet peut alors y être raccordé et permettre la mise à disposition des données sur le réseau. En fonction du type de convertisseur, différents protocoles sont possibles et permettent dans la plupart des cas de traiter directement les données. Si ce n’était pas le cas, les données peuvent alors être transférées 1 pour 1, indépendamment du protocole (TCP-Tunnel).

Connexion
La connexion au réseau se fait à l’aide d’une interface Ethernet 10BaseT ou 100BaseTx. La connexion des appareils passe par une interface série RS-232. Dans certains cas, la RS-485 est également disponible. Certains appareils offrent même la possibilité de raccorder directement les entrées et sorties analogiques et numériques.

Pour la communication machine-machine ou machine-application via Ethernet ou Internet, plusieurs protocoles sont envisageables, selon le type, notamment TCP Socket/Telnet, UDP Socket, UDP Multicast, TCP Tunnel et UDP Tunnel.

Le tout relié
La connexion d’un appareil à un réseau influe tant sur l’appareil en lui-même que sur les applications implémentées. Les lecteurs de codes-barres, les appareils de mesure, les balances et tous les autres appareils dotés d’un port série, dont le logiciel utilisait exclusivement le port COM1 ou un PC externe installé pour la connexion et le contrôle de l’appareil, peuvent désormais être raccordés directement au réseau via les convertisseurs série/Ethernet. D’autres progiciels sont disponibles pour veiller notamment à ce qu’un port COM virtuel soit disponible pour le réseau alors qu’en réalité les données sont déviées via le convertisseur.